 |
|
 |
 |
10.5.1 Overzicht van EU-regelgeving10.5.2 Overzicht van Nederlandse regelgeving10.5.3 Doelstelling van de RichtlijnGeluidsgrenzen voor motorfietsen worden om twee redenen gesteld. In de eerste plaats wordt ermee voorkomen dat handelsbelemmeringen ontstaan: de lidstaten zijn immers niet meer vrij om eigen nationale geluidsgrenzen vast te stellen. In de tweede plaats hebben de grenzen een milieubeschermende functie. De oorspronkelijke Richtlijn 78/1015 was evenals andere Richtlijnen op het gebied van voertuiggeluid oorspronkelijk facultatief van aard (zie § 10.4). Richtlijn 97/24 heeft daar inmiddels verandering in gebracht door bindende grenzen vast te stellen. 10.5.4 Samenvatting van de RichtlijnDe Richtlijn brengt de door de EU gestelde eisen in overeenstemming met de reeds bestaande eisen van de UNECE. De eisen hebben betrekking op een reeks van aspecten waarvan de meeste niet op het vlak van het milieu liggen en gelden ten aanzien van voertuigen met twee en drie wielen. Ook worden testprocedures, typegoedkeuringsprocedures en emissiegrenzen voor geluid gegeven. Tabel 10.5.1 geeft de grenzen aan die nu gelden voor zowel motorfietsen, bromfietsen als driewielers. De Richtlijn is in de plaats gekomen van 78/1015, die inmiddels is ingetrokken. Tabel 10.5.1 Geluidsgrenzen krachtens Richtlijn 97/24. 10.5.5 Achtergrond en totstandkoming van de RichtlijnenIn januari 1974 informeerde de Franse regering de Commissie over de plannen om nationale wetgeving in te voeren over geluidhinder van motorfietsen. Dit leidde tot een voorstel tot een Richtlijn in 1975. Het heeft drie jaar geduurd voordat er overeenstemming werd bereikt over Richtlijn 78/1015. Dit wekt de suggestie dat er enig verzet was vanuit de lidstaten. Richtlijn 97/24 geeft bindende normen voor een reeks milieu- en andere criteria, en breidt de reikwijdte van de oorspronkelijke Richtlijnen uit naar bromfietsen en gemotoriseerde driewielers (zie § 6.10). De Richtlijn valt onder de Kaderrichtlijn 92/61, waarin het algemene, procedurele regime met betrekking tot typegoedkeuringen van motorfietsen wordt beschreven.[1121] 10.5.6 De omzetting in nationale regelgevingDe oorspronkelijke, inmiddels ingetrokken Richtlijn 78/1015 was geïmplementeerd via het Besluit geluidproduktie motorvoertuigen. Richtlijn 97/24 vereist een aanpassing van het nationale typegoedkeuringsregime voor motor- en bromfietsen. De Kaderrichtlijn 92/61, waarop 97/24 gebaseerd is, was reeds geïmplementeerd via de Wegenverkeerswet[1122] en het samenhangende Voertuigreglement[1123]. De Richtlijn zelf is met betrekking tot de geluidsaspecten omgezet door de wijziging van een aantal besluiten, te weten het eerder genoemde Besluit geluidproduktie motorvoertuigen, het Besluit geluidproduktie bromfietsen en het Besluit uitlaatsystemen motorvoertuigen en bromfietsen.[1124] Op basis van het overgangsregime van de Richtlijn was het nog tot 17 juni 1999 mogelijk om op grond van de oude richtlijn (78/1015) typegoedkeuringen te verlenen. Naar aanleiding van de wijziging van de verschillende besluiten zijn tevens enkele regelingen aangepast, te weten de Regeling keuringsvoorschriften en EEG-documenten geluidproduktie motorvoertuigen, de Regeling typekeuring geluidproduktie bromfietsen en de Regeling typekeuring uitlaatsystemen motorvoertuigen en bromfietsen.[1125] De nieuwe eisen met betrekking tot geluidsemissies per 17 juni 1999 hebben niet tot noemenswaardige veranderingen geleid ten opzichte van de al bestaande eisen. Nederlandse regelgeving bestaat er ook met betrekking tot de geluidproduktie van sportmotoren.[1126] Deze motoren zijn echter expliciet van de toepassing van Richtlijn 97/24 uitgesloten. Voor het afgeven van de typegoedkeuringen voor motorfietsen en brommers is in Nederland de Dienst Wegverkeer (RDW) als verantwoordelijke aangewezen. 10.5.7 Uitvoering en effecten in de praktijkIn onderzoek van TNO zijn brom- en snorfietsen aangewezen als de belangrijkste bron van ernstige geluidhinder.[1127] Het percentage dat gehinderd werd door deze bron is tussen 1993 en 1998 van 13% naar 17% toegenomen.[1128] Het lawaai van brommers wordt voornamelijk veroorzaakt door het opvoeren ervan. Motoren vormen ook een belangrijke bron van geluidhinder in het wegverkeer.[1129] Tot aan de komst van de Wegenverkeerswet 1994 en het Voertuigreglement was handhaving van geluidsniveaus bij motoren en brommers niet echt een issue. De handhaving is echter aan het verbeteren door onder meer het gebruik van nieuwe meetapparatuur, zoals de Geluidsmeting controller (GMC), waarmee tevens aan de eisen van Richtlijn 97/24 voldaan kan worden.[1130] De Jong, R.G., et al. (2000). Hinder en andere zelf-gerapporteerde effecten van milieuverontreiniging in Nederland. TNO-PG, Leiden. Ter Riet, R. en T. Schilder (2002). Handhaving motor- en brommerlawaai. Geluid 25 (2), pp. 50-53.
|
|
|