13.3.1 Verdrag inzake de beheersing van de grensoverschrijdende overbrenging van gevaarlijke afvalstoffen en de verwijdering ervan (Verdrag van Bazel)
De EG heeft dit Verdrag samen met 34 andere landen getekend in 1989. De EG en de andere lidstaten konden het Verdrag echter niet ratificeren alvorens bestaande Richtlijnen op het gebied van grensoverschrijdend vervoer van afval waren gewijzigd. In 1993 zorgde Verordening 259/93 (zie § 5.6) voor deze noodzakelijke wijziging. Verordening 259/93 is op 6 mei 1994 van kracht geworden. De EG werd partij bij het Verdrag op 8 mei 1994. De partijen bij het Verdrag hebben de mogelijkheid om de invoer van afval te verbieden. Transport van afval tussen verdragspartijen en niet-verdragspartijen is slechts toegestaan wanneer daar een specifieke (bilaterale- of multilaterale) overeenkomst aan ten grondslag ligt. Ten aanzien van het vervoer van afvalstoffen voorziet het Verdrag in een wereldwijd milieubeschermend controlesysteem. De verantwoordelijkheid voor de vanuit milieuoogpunt verantwoorde behandeling van het afval ligt bij de uitvoerende staat.
In september 1995 hebben de partijen Besluit III/1 aangenomen dat een wijziging van het Verdrag inhoudt. Dit Besluit bevat een onmiddellijk verbod op de uitvoer van voor verwijdering bestemd gevaarlijk afval door de partijen uit bijlage VII (OESO-leden, de EG en Liechtenstein) naar landen die niet tot deze categorie behoren. Het bevat tevens een verbod (dat gelding heeft vanaf 1 januari 1998) op het grensoverschrijdend vervoer van voor herwinning van stoffen bestemd gevaarlijk afval vanuit de in bijlage VII genoemde landen naar overige landen. Het besluit is echter nog altijd niet geratificeerd door de vereiste 65 partijen.
Voorts geeft Besluit III/1 aan de Technische Werkgroep van het Verdrag de opdracht om lijsten op te stellen met gevaarlijke en niet-gevaarlijke stoffen ter ondersteuning van het in te stellen uitvoerverbod. Deze lijsten zijn aangenomen als nieuwe bijlagen VIII en IX op de vierde Conferentie van de partijen in Kuching in 1998 (Besluit IV/9). Deze aanpassingen zijn van kracht sinds november 1998.
In 1999 is een nieuw Protocol bij het Verdrag aangenomen, gebaseerd op artikel 12 van het Verdrag. Dit Protocol heeft tot doel te voorzien in een systeem van aansprakelijkheid voor en compensatie van schade als gevolg van het grensoverschrijdend vervoer van gevaarlijk afval, inclusief schade die het gevolg is van de illegale handel in afval. Verscheidene landen hebben het Protocol ondertekend, maar de EG niet.